“Verbetering van de luchtkwaliteit op scholen leidt tot 15% betere leerprestaties”

Dit is een aflevering in de serie ‘ventilatie op scholen’, gemaakt door studenten van de school voor journalistiek Windesheim. De serie is gemaakt in verband met corona en het eventuele besmettingsgevaar op scholen in verband met de kwaliteit van de ventilatie. Lees hier de eerder geplaatste artikelen.

Door Sam Blom, Job Mol en Bart Sollman

“Bij de bouw van een middelbare school is er een wereld van verschil tussen regels en praktijk. Het gaat vaak alleen maar over geld en bezuinigen en dat gaat ten koste van het binnenmilieu.” Bert Meijering is adviseur duurzame onderwijshuisvesting bij het onderzoeksbureau Building Vision. Hij pleit voor een betere controle op het gebied van duurzaamheid bij de bouw van middelbare scholen.

De wereld rondom de financiering van onderwijshuisvesting is lastig te doorgronden. Gemeenten en schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de nieuwbouw, het binnenklimaat en de ventilatie. Maar uit gesprekken met wethouders, scholen en bouwers blijkt dat door bezuinigingen een gezond binnenklimaat geen prioriteit heeft. Terwijl dit noodzakelijk is voor een prettige leeromgeving. We onderzoeken waarom er tijdens het bouwproces niet strikter wordt gecontroleerd of de huisvestingseisen op het gewenste niveau zitten.

Na wat research, mails en appjes komen we uit in Eindhoven. Building Vision, een advies- en onderzoeksbureau voor gezonde en duurzame huisvesting, blijkt de soms ondoorgrondelijke wereld beter te kennen. We krijgen Bert Meijering aan de lijn, een ervaren adviseur op het gebied van duurzame huisvesting. “Je bent aan het juiste adres, ik ken de Nederlandse schoolgebouwen als mijn broekzak.”

Frisse Scholen
Meijering adviseerde het Rijk bij het Programma van Eisen Frisse Scholen. Nog steeds doet hij veel onderzoek naar de regelgeving rondom onderwijshuisvesting, de kosten en het binnenmilieu. “Dertig leerlingen in een klas ademen veel vervuiling uit. Door de beweging in een lokaal komt er ook veel fijnstof vrij. Als de lucht dan niet wordt ververst, daalt de kwaliteit dramatisch. Dan kunnen leerlingen last krijgen van astma.”

Slechte leerprestaties
Verschillende onderzoeken tonen aan dat slechte luchtkwaliteit gevolgen heeft op de leerprestaties. Zo onderzocht TNO twee groepen leerlingen in ruimtes met goede en slechte lucht. “Een slecht binnenmilieu zorgt voor klachten bij leerlingen en docenten. Hoofdpijn, vermoeidheid en sufheid treden in de loop van de dag veel sneller op en je kan lastkrijgen van allergieën en astma, vertelt Meijering. “Bij het onderzoek van TNO maakten leerlingen in een ruimte met slechte lucht gemiddeld 15% meer fouten (23% fouten bij rekenen en 6% bij taal).”

Energiezuinigheid versus binnenklimaat
“Een frisse school is energiezuinig en heeft een goed binnenklimaat. Met energiezuinig wordt bedoeld dat er zo min mogelijk energie wordt verbruikt. In een gezonde school is het van belang dat er goed geventileerd wordt, maar dat kost natuurlijk energie. De zuinigheid staat op gespannen voet met het binnenklimaat. Scholen moeten hierin een betere balans vinden en ervoor zorgen dat de gezondheid van de leerlingen en het personeel prioriteit heeft”, vertelt Meijering.

Na een paar minuten wordt de verbinding minder. Meijering blijkt even naar buiten te zijn gelopen om een frisse neus te halen. “Kijk, dit is pas echt gezonde lucht! Het gaat niet lukken om dit ook in een klaslokaal te krijgen, maar de kunst is om de vervuiling te beperken.”

Terug in zijn kantoorruimte zet Meijering via een appje de verwarming wat hoger. “Even opwarmen hoor, de optimale binnentemperatuur is 20 graden. Maar het moet niet te warm worden, want vanaf 26 graden kan je minder functioneren. In een klaslokaal moeten er daarom voldoende open ramen zijn om te kunnen ventileren (spuiventilatie). Daarnaast is het belangrijk om platte daken boven lokalen goed te isoleren en op warme dagen de zonwering vroeg te laten zakken.”

Duurzame beloftes
Volgens Meijering is er een wereld van verschil tussen theorie en praktijk op het gebied van onderwijshuisvesting. “De bouw van een school blijkt in de praktijk altijd duurder. Dan kijkt een aannemer waarop hij kan bezuinigen. Dat gaat vaak ten koste van de duurzaamheid en gezondheid van een gebouw. Iedereen kan duurzame ambities uitspreken, maar je moet ze wel kunnen waarmaken.”

Vinger aan de pols
“Het is van belang dat de opdrachtgever tijdens het bouwproces constant de vinger aan de pols houdt”, vertelt Meijering. “In de praktijk wordt dit vaak niet gedaan. Als de school er eenmaal staat is het te kostbaar om veranderingen door te brengen, maar tijdens het bouwproces kan je nog ingrijpen. Het is ook belangrijk om kennis over het binnenmilieu te verspreiden. Een schooldirecteur weet vaak totaal niet hoe de systemen in het gebouw werken.”

Voordat Meijering weer in de rapporten en bouwbesluiten duikt, wil hij tot slot nog wat kwijt. “Het Rijk heeft zich te lang gefocust op energiezuinigheid. Je ziet dat het dan ongelofelijk mis kan gaan in klaslokalen. Den Haag moet met een geldbuideltje over de brug komen om gemeentes en schoolbesturen te ondersteunen bij het verbeteren van het binnenmilieu.”