Harrie Kiekebosch: De Omgevingswet is al aan herijking toe voordat deze ingevoerd is

© PxHere

De invoering van de Omgevingswet is al een paar keer uitgesteld. En het lijkt er op dat minister Ollongren de invoering ook nu weer een half jaar opschuift. De massale inspraak van de samenleving was vier jaar geleden. Er is in die tijd zo veel veranderd, dat het me zinnig lijkt nog maar eens te herijken: denkt de samenleving nog zo, als vier jaar geleden?

Door Harrie Kiekebosch

Onzin vervangt onzin

De Omgevingswet is een onzinwet die een stuk of twintig andere onzinwetten bij elkaar veegt. Ondermeer Raalte ging er prat op de samenleving maximaal te hebben betrokken bij de totstandkoming. Een gemeente heeft een heleboel wetten waar ambtenaren zich angstvallig aan moeten houden. Dat je dakhelling tussen de 20 en 30 graden moet zijn, dat de kleur van je dakpannen rood moet zijn, dat je dakpannen vergunningvrij mag vervangen, dat je carport lekker net niet hoog genoeg mag zijn voor de caravan. Dat wat je maximaal mag bouwen en dat je daar maximaal tien procent overheen mag, hoeveel dranghekken je bij jouw dorpsfeest moet neerzetten en dat de verkeersregelaars een diploma moeten hebben via een digitaal examen waarvan de vragen én antwoord van te voren circuleren…

Mislukte poging

Om al dat geneuzel te lijf te gaan zou er eigenlijk één overkoepelende wet moeten komen: de Omgevingswet. We kennen de overheid goed genoeg om te weten dat ze de burger wantrouwt, dus dat het nieuwe instrument niet gaat werken als een verlichting. De nieuwe Omgevingswet wordt alleen maar een samenraapsel van alle ver- en geboden die er al waren, vanuit wantrouwen opgesteld: pas op, neem niet je eigen verantwoordelijkheid, want dan gaat het helemaal mis’. Een soort liberalisme dat ik nooit zo goed snap.

Burgerparticipatie

In Raalte kreeg je een ijsje of een kroket als je zei wat je ervan vond. En je kon ook naar meepraat- avonden komen. Daar kwam dan een rapport uit dat door de raad moest worden goedgekeurd. Daar ging alle inspraak weer overboord en kwam het terug tot hoe de democratie geregeld is: de raad, als afspiegeling van de bevolking, besloot hoe de uiteindelijk omgevingsvisie voor Raalte er uit kwam te zien. Andere geluiden dan de CDA- en GB-meerderheid gingen precies daar de prullenbak in. Er staat niet in dat de silo’s van Booijink of een megastal niet zo wenselijk zijn en over landbouwgif wordt ook niks gezegd. En terecht ook, een meerderheid van Raalte denkt er nu eenmaal zo over. In de Omgevingswet van Olst-Wijhe staat om precies diezelfde reden wel veel meer logisch toekomstperspectief, omdat ze daar beter snappen dat het roer om moet dan dat men dit in Raalte begrijpt.

Nieuwe kans

Omdat de Omgevingswet iedere keer uitgesteld wordt, lijkt me een herijking eigenlijk helemaal niet zo gek. Het zou me immers niet verbazen als er ook in Raalte een andere wind is gaan waaien in de laatste drie a vier jaar, want zo lang is het geleden dat de burger met een ijsje gepaaid werd iets over zijn eigen toekomst te zeggen. Er is in die vier jaar behoorlijk wat veranderd. Ik herinner me nog HeelSallandBiologisch dat nota bene door de media werd aangevallen om het woord ‘gif’ in de landbouw. Dat woord is inmiddels algemeen aanvaard in Nederland en dat de landbouw om moet, vinden de meeste mensen inmiddels ook wel. Juist in Salland als agrarisch bolwerk is me dat nogal een grote verandering! Dus als je nu de mening van Raalte vraagt ten opzichte van vier jaar geleden, zou er wel eens een heel andere Omgevingswet uit komen rollen dan die nu op tafel ligt.

 

1 reactie

Klik hier om een reactie achter te laten

  • Ik ben het helemaal met je eens, Harrie.
    Het ergste van die nieuwe wet is, dat het voor burgers steeds moeilijker wordt om hun belangen te verdedigen. De bestuurders, maar ook de omgevingsdiensten, krijgen met deze Omgevingswet steeds meer macht. Voor de gewone man/vrouw wordt allemaal steeds ondoorgrondelijker.
    Ik heb zelf ook al direct meegemaakt wat dat participatiegezwets inhoudt. Het ging daarbij om de mogelijkheden voor het oprichten/creëren van agrarische megabedrijven te beperken. Ook verzocht ik het gebruik van landbouwgiffen aan banden te leggen. Je vermoedt het al: beide verzoeken werden volledig genegeerd. Om van het bevorderen van natuur en biodiversiteit noch maar te zwijgen.
    Het is dat ik daar niet zwak genoeg voor ben, anders zou ik er depressief van worden. Eigenwijs als ik ben, geef ik niet op en blijf onze bestuurders over onderwerpen als deze het vuur aan de schenen leggen. Niets doen is geen optie. Het gaat immers om het redden wat er nog te redden is voor de toekomstige generaties. Blijkbaar juist dat laatste zal de meerderheid van onze huidige bestuurders een zalige zorg zijn.
    Ik begrijp niet hoe ze deze houding aan hun kinderen denken te kunnen uitleggen, ik zei het al eerder.